Home » Conditioneren konijnen

Conditioneren, conditie en verzorging van Konijnen

Door Gerrit Lenselink, A keurmeester konijnen

 

Naast het fokken van mooie raskonijnen die voldoen aan de beschrijving van de standaard, zoals bv. gewicht, type en bouw, pels, kleur, tekening of patroon, is ook het conditioneren en conditie en verzorging erg belangrijk zodat een konijn beter toont en de raseigenschappen nog beter naar voren komen. Vaak spreken wij alleen maar over conditie zoals die beschreven is in positie 7 van de standaard. Hier wordt bedoeld de lichaamsconditie en de verzorging.

 

In dit artikel geef ik op beide onderdelen toelichting.

 

Conditioneren.

 

Conditioneren heeft afhankelijk van het ras betrekking op positie 4, 5 en 6 van de standaard.

 

Foutief gekleurde haren.

Er komen veel konijnen op tafel tijdens een keuring die foutief gekleurde haren in de pels hebben over het hele lichaam. Vooral witte haren komen bij veel rassen nog al eens voor, maar ook anders gekleurde haren dan wat de kleur moet zijn komen voor. Ook enkele witte haren in het tekeningbeeld bij tekeningrassen kunnen verwijderd worden. Denk hier bijvoorbeeld aan de aalstreep of de zijdetekening bij Lotharinger. Als het om enkele witte of anders gekleurde haren gaat in het gekleurde deel dan zijn die gemakkelijk weg te halen o.a. met een pincet, let goed op dat je niet te veel haren weg haalt, want dan wordt de pels beschadigd of er ontstaan kale plekjes Kijk wel het hele dier na. Op het dek zie je ze gemakkelijk, maar ze komen ook voor op andere delen van het lichaam zoals de buik, borst, benen en bovenzijde staart. Ook bij dieren met een patroonuitmonstering zoals de Tan of Zilvervos komen anders gekleurde haren voor in de pels. Bijvoorbeeld enkele tangekleurde haren op het dek. Ook horen bij de Tan de tangekleurde haren op de voorbenen verwijderd te worden. Foutief gekleurde haren kun je het gemakkelijkst vinden door langzaam tegen de pels in te strijken.

 

Dieren met veel foutief gekleurde haren kun je beter thuis laten en deze dieren moet je zeker niet voor de fok gebruiken.

Pluizen wit of gekleurd.

Wit of of anders gekleurde pluisjes zijn goed te verwijderen als ze maar niet te groot zijn. Ze kunnen ontstaan zijn door een kleine beschadiging maar het kan ook erfelijk zijn. Als er veel pluizen voor komen dan is het beter om deze niet naar een keuring te doen. Je krijgt vaak beschadigingen in de pels en meestal krijg je ook alle foutief gekleurde haren niet weg. Met deze dieren moet absoluut niet verder fokken want het vererft heel sterk.

 

Navelpluis.

In de standaard staat in het algemeen gedeelte bij lichte fouten op blz. 30 onder nagels en pigment: Wit of anders dan gewenst gekleurd navelpluisje bij kleurrassen.

Dit pluisje dient verwijderd te worden. Als een gekleurd pluisje op een witte buik verwijderd is geeft dit direct een beter aanzien. Dit geldt eveneens voor een wit pluisje bij een zwarte buikkleur.

Tekening scherper maken.

Door enkele gekleurde of witte haren weg te halen op de rand van het tekeningbeeld is de tekening scherper te maken. Voorbeelden hiervan is de aalstreep en zijdetekening bij Lotharinger en Rijnlander en de bandtekening bij Hollander.

 

Lichaamsconditie en verzorging.

 

Dit wordt beschreven in positie 7 van de standaard. Deze positie wordt vooral bepaald door de fokker.

 

Verzorging begint met een konijn al heel jong regelmatig op tafel te zetten. Begin daar mee als een konijn 2 maanden is. Een konijn dat regelmatig op tafel wordt gezet wordt daardoor veel rustiger. Probeer ook om het konijn in een juiste stelling te brengen. (Stelling hoorde vroeger bij positie 7 en in de nieuwe standaard bij positie 1 type en bouw.) Ook een konijn op een weegschaal zetten is nuttig. Konijnen die regelmatig op tafel en op een weegschaal komen zijn tijdens een keuring veel rustiger en blijven veel beter zitten en stellen zich daardoor ook beter. Als keurmeester zie je zo dat konijnen nooit uit het hok en op tafel komen. Ze zijn dan vaak heel gestrest en gaan plat op tafel liggen of springen van de tafel af.

 

Borstelen en kammen is ook heel belangrijk om losse haren te verwijderen en ook wordt daardoor de glans verbeterd. Ook moet het konijn schoon zijn. De voetzolen, borst of buik mogen geen gele aanslag hebben. Het is dus noodzakelijk dat het hok altijd schoon is. De nagels moeten schoon zijn, er mogen geen mestballetjes aan zitten. Dit is een zware fout.

 

Klitten dienen verwijderd te worden. Deze komen vooral voor aan de binnenzijde van de achterbenen en voorbenen, in de oksels, rondom de geslachtsdelen, lies, borst en bovenzijde staart. Ook de voetzolen aan de achterbenen moet je goed na kijken, hier kom je soms losse plukjes tegen. Deze kun je gemakkelijk verwijderen. Gebruik voor het los maken of verwijderen van klitten een borstel met draadje die gebogen zijn.

 

Nagels horen op tijd geknipt te worden. Een konijn heeft in totaal 18 nagels, 10 aan de beide voorbenen en 8 aan de beide achterbenen. Vergeet vooral de duimnagel niet. Nagels die netjes geknipt zijn is beter voor het konijn, voor jou en de keurmeester want lange scherpe nagels zijn net scherpe messen.

 

Kijk ook of de oren aan de binnenzijde schoon zijn. Ook wil er nog wel eens wat vuil in de ooghoeken zitten wat simpel is te verwijderen. Het konijn mag geen ongedierte hebben. Vooral mijt komt veel voor. Ook heb ik een keer vlooien gezien. Mijt en vlooien tasten de pels zeer sterk aan en er ontstaan kale plekjes met schilfers. Dit komt vooral voor tussen de oren en in de nek. Als het erger wordt zie dit wel op alle plekken van het lichaam. Let ook vooral op de achterhand bij de staart. Mijt en vlooien zijn makkelijk te bestrijden door de plekken zeker enkele dagen tot een week in te wrijven met alcohol van de drogist. Ook zijn er middelen te koop bij de dierenarts die je via een injectie moet geven.

Lichaamsconditie houdt in dat het konijn de juiste bevleesdheid moet hebben. Niet te vet, maar zeker niet te mager. Er worden nog veel dieren te krap gevoerd om niet boven het maximum gewicht uit te komen! Met deze dieren kun je beter niet verder fokken. Zelf voelen en een konijn vaak op de weegschaal zetten is erg belangrijk om en op tijd en de juiste conditie te krijgen.

 

Nooit te vroeg, wel te laat

Om een konijn mooi op een show te brengen moet je vroeg beginnen met alles wat in dit artikel beschreven staat. Doe dit niet net voor de show. Je kunt nooit te vroeg beginnen, wel te laat!

 

Succes.